Hoe werkt een theorie examen?
Het theorie examen bestaat uit fotovragen waarop u antwoord dient te geven. Er zijn vragen met de antwoordmogelijkheden ja/nee, A/B/C en open vragen waar u een getal dient in te vullen. De vragen verschijnen in beeld en worden voorgelezen. Het beantwoorden van de vragen doet u met behulp van de antwoordterminal. Na afloop krijgt u gelijk de uitslag en kunt u bij elke vraag een uitgebreide motivatie afluisteren.
Het nieuwe theorie examen voor de auto vanaf 1 maart 2009
Een nieuw onderdeel van het CBR theorie examen is het hebben van inzicht in (mogelijke) gevaarlijke verkeerssituaties, kortom: het herkennen van gevaar. Het onderdeel gevaarherkenning bestaat uit 25 geluidloze vragen.
In de gevaarherkenningsmodule hebt u de keuze uit drie antwoordmogelijkheden, namelijk:
• A. Remmen - flink snelheid verminderen of zelfs geheel stoppen
• B. Gas loslaten - snelheid minderen en voorbereid zijn op een andere keuze
• C. Niets - door blijven rijden met eenzelfde snelheid
Wanneer kiest u voor remmen, flink snelheid verminderen of geheel stoppen?
U kiest voor antwoord A: bij nadering van zwakke of instabiele weggebruikers, bij het rijden op smalle wegen, bij nadering tegenliggers op smalle wegen, bij obstakels op de rijbaan, bij slechte wegomstandigheden, tijdens het inhalen en tegemoetkomen van tegenliggers, bij nadering van onoverzichtelijke kruispunten, bij nadering van gevaarlijke kruispunten, bij rijden in de nabijheid van scholen, bij nadering spelende kinderen, bij nadering van onoverzichtelijke en/of scherpe bochten, bij grote snelheidsverschillen tussen bestuurders onderling en tijdens slechte weersomstandigheden.
Wanneer kiest u voor gas loslaten?
U kiest voor antwoord B als u de verkeerssituatie nog redelijk kunt overzien, de situatie eigenlijk geen direct gevaar oplevert, maar u het toch niet geheel vertrouwt.
Wanneer kiest u voor niets doen?
Als er geen direct gevaar aanwezig is, kiest u voor antwoord C. De verkeerssituatie is goed te overzien, er dus geen direct gevaar en er is voldoende ruimte op de weg om met dezelfde snelheid door te rijden. Er zijn geen grote snelheidsverschillen tussen de bestuurders en ook een inhaalmanoeuvre kan zonder problemen worden uitgevoerd.
![]() |
|
||||||||||||||||||||||||||||||